Met een veelheid aan funderingstechnieken krijgt Vught zijn verdiepte spoorbak

 

Het zijn indrukwekkende hoeveelheden staal die de bodem ingaan bij het project Vught Verdiept. Diepwanden, cutter soil mix-wanden, ankerpalen, wandankers, gedrukte damwanden, jetgrouten en stalen casingpalen vormen straks de basis voor een verdiepte spoorbak van 2,2 kilometer lang. Welke techniek waar wordt toegepast, hangt af van de functie, draagkracht en omstandigheden in de ondergrond. Voor projectleider funderingen Roel Houkes van Volker Staal en Funderingen is juist die veelheid aan technieken wat het vak na bijna dertig jaar nog altijd interessant maakt. 

Vught verandert. Het spoor snijdt dwars door de gemeente en zorgt dagelijks voor wachttijden, geluidsoverlast en barrières in het verkeer. En de druk op het spoor neemt toe. De komende jaren groeit het aantal reizigerstreinen én rijden er meer goederentreinen over deze lijn. Zonder ingrijpen dreigt Vught vast te lopen. Daarom wordt het spoor over een lengte van circa 2,2 kilometer verdiept aangelegd. Voor Volker Staal en Funderingen betekent dat werken op een locatie waar veel disciplines, belangen en technieken samenkomen. Niet alleen ondergronds wordt continu gepuzzeld, ook bovengronds is de ruimte schaars. "Je werkt op een postzegel", vat Roel samen. “In je rug zit de stad en voor je rijdt het spoor.”

 

Een maakbaar ontwerp

Juist doordat de ruimte beperkt is, zijn de verschillende uitvoerende disciplines al vroeg bij het ontwerp betrokken. Funderingsspecialisten, grondwerkers, betonbouwers en civiele disciplines zaten vanaf het begin samen aan tafel om tot een maakbaar ontwerp te komen. "Dat is ook het mooie aan dit project", vertelt Roel. “We waren vanaf het begin betrokken. Samen met de andere disciplines hebben we bepaald wat het beste totaalontwerp is.” Elke funderingstechniek heeft zijn eigen draagkracht en functionaliteit. Roel legt uit dat de keuze niet begint bij de vraag wat het goedkoopst of snelst is, maar wat veilig, technisch haalbaar, uitvoerbaar en verantwoord is voor de omgeving. Pas daarna wordt gekeken naar aspecten als omgeving, planning en kosten.

Binnen de alliantie worden verschillende varianten tegen elkaar afgewogen met behulp van een Trade-Off Matrix, in de wandelgangen beter bekend als het 'tommetje'. "Met het tommetje wegen we verschillende oplossingen tegen elkaar af", legt Roel uit. “Veiligheid staat altijd bovenaan. Daarna kijken we naar technische haalbaarheid, uitvoerbaarheid, omgeving en kosten. Zo komen we samen tot de oplossing die het beste is voor het project als geheel.” "Als je het puur aan de funderingsman vraagt, dan zou je zeggen: laten we gewoon heien. Dan zijn we snel en goedkoop klaar", zegt Roel lachend. “Maar je kunt de omgeving niet een jaar lang in de herrie zetten.”

 

Over je eigen schaduw heen stappen

Integraal werken betekent soms dat je verder moet kijken dan je eigen discipline. “Je leert over je eigen schaduw heen te stappen,” zegt Roel. “Je moet je echt interesseren in de belangen en soms zelfs de angsten van een ander.” Daarbij draait het erom dat je jezelf steeds opnieuw de vraag stelt wat het project als geheel vooruithelpt. Pas wanneer je begrijpt welke afwegingen anderen maken, kun je die belangen goed meenemen in het totaalplaatje.

 

Onzekerheden zoveel mogelijk wegnemen

Als disciplineleider funderingen probeert Roel verrassingen tijdens de uitvoering al zo veel mogelijk aan de voorkant uit te sluiten. Dat doet hij door risico's vroegtijdig inzichtelijk te maken, funderingstechnieken vooraf op locatie te beproeven en zoveel mogelijk kennis over de ondergrond te verzamelen voordat de uitvoering begint. "Je neemt ervaringen uit eerdere projecten altijd mee", vertelt hij. “Maar Nederland is geotechnisch ontzettend divers. Van de Limburgse heuvels tot de duinen aan de kust verschilt de bodem enorm. Je kunt niet alles voorzien.” Daarom worden uitgebreide sonderingen uitgevoerd, grondmonsters genomen en verschillende funderingstechnieken vooraf beproefd. Ook de ankerpalen die in Vught worden toegepast, zijn vooraf getest. De uitkomsten worden vervolgens gebruikt om het ontwerp verder aan te scherpen en de uitvoering zo beheersbaar mogelijk te maken. “Je probeert aan de voorkant zoveel mogelijk onzekerheden weg te nemen. Niet omdat je alles kunt voorspellen, maar omdat je zo goed mogelijk voorbereid wilt zijn.”

 

Onvoorspelbaarheid

Ondanks alle voorbereidingen blijft de ondergrond volgens Roel altijd verrassingen houden. Juist dat maakt het vak voor hem zo aantrekkelijk. Dat ondervond hij onlangs nog in Vught, toen tijdens werkzaamheden het spoor onverwacht verzakte en het treinverkeer richting Zuid-Nederland tijdelijk stil kwam te liggen. Zulke situaties zijn hectisch, maar horen volgens hem bij het vak. “De onvoorspelbaarheid maakt het juist mooi.” Wanneer zich onverwachte situaties voordoen, draait het volgens Roel allereerst om veiligheid. Een uitspraak van een oude uitvoerder is hem altijd bijgebleven. “Die zei altijd: ze kunnen me alleen nog maar blij maken, bang maken lukt niet meer.” Daarmee bedoelde hij niet dat problemen hem koud laten. Integendeel. Maar zolang er geen direct gevaar dreigt en iedereen 's avonds veilig naar huis gaat, komt de rest wel. “Geld en tijd zijn belangrijk, maar uiteindelijk staat veiligheid altijd op één.”

 

Projecten aan de grens van het technisch mogelijke 

Dat het vak hem na bijna dertig jaar nog altijd blijft boeien, komt volgens Roel vooral door de afwisseling. Hij kan er uren over praten: over de onvoorspelbaarheid van de ondergrond, de keuzes die samen met andere disciplines worden gemaakt en de techniek die uiteindelijk samenkomt in één project. Een project waarin ook al die elementen samenkwamen, was de Selectieve Onttrekking in IJmuiden. Bedoeld om verzilting van het Noordzeekanaal tegen te gaan, maar voor de funderingsspecialisten vooral een project waarin de grenzen van het technisch mogelijke werden opgezocht.

Vanaf pontons en schepen werden zware combiwanden aangebracht. Buispalen tot wel veertig meter gingen de bodem in, terwijl ankers met lengtes tot zeventig meter werden toegepast. Op de kademuren verrezen vervolgens twee betonnen pijlers van drieduizend ton, die met een hefschip op hun plaats werden gezet. "Daar zaten we echt tegen de grenzen van het technisch mogelijke aan", blikt Roel terug. "Dat was qua techniek fenomenaal. Dat zijn de projecten waarvoor je vroeger de zandbak bent uitgekomen." 

 

 

Kun je de vacature die je zoekt niet vinden?

Maak een JobAlert aan en ontvang een melding per mail
wanneer er nieuwe vacatures zijn!